Ontwerpen!

van zachte kleren... dus geen gewone kleren

Voor de winter hebben we een hele zachte sweater in petto. Niet zomaar een zachte, maar een mooie, knusse, heerlijk om aan te raken sweater. Je hebt namelijk sweaters die ruw zijn van binnen Je hebt er ook die stug zijn van buiten. En je hebt er die schuren en knellen aan de hals en de mouwen. Dat gaat onze sweater niet doen. De onze wordt een streling voor je huid. En voor het oog. Gaan die twee niet gewoon vaak samen? 

 

Een heel alledaags model wordt onze sweater ook niet. Subtiliteit, daar zit het 'm in. We willen een sweater die helemaal goed valt. Een zalig stuk kortom, voor minder doen we het niet. Voorlopig maken we 'm in het zwart, maar een extra kleurtje kiezen we er graag bij. Moet je dat babyblauw (1) of mintkleurtje (6) zien, of anders dat zonnige mangogeel (2e rij, 4). Ik ben niet per se gek op sweaterkleuren, maar deze staaltjes zijn zo mooi. Suggesties welkom, we horen het grrrraag!

 

Heel wat mensen vinden wol lastig te dragen. Wol is warm, maar kan kriebelen en irriteren. Ik heb ook niet altijd zin om een T-shirt onder mijn trui te dragen, laat staan eentje met lange mouwen. Twee keer lange mouwen, wie houdt daar nu van? Voor mensen met kriebelhuidjes kunnen kasjmier of merino een oplossing zijn, maar niet altijd. En als je zoals ik altijd kou hebt in de winter, is dat hele wolgebeuren een lastig probleem. Sweaters, en dan zeker die met zo'n streelzacht laagje binnenin, zijn heerlijk om te dragen. Ze zijn knus en warm, en multi-inzetbaar. 

 

Hm... de winter, voor gevoelige huiden is dat geen fantastisch seizoen. De kou zorgt voor onheil en een hyperdoge huid. En winterkleren met hun zwaardere en vaak wat ruwere stoffen zijn aanzienlijk moeilijker dan die luchtige, easy breezy zomerkleren die we binnenkort weer opbergen. Maar niets aan te doen, we tekenden ervoor om oplossingen te vinden. En de coronacrisis gaf ons ruim de tijd om veel te ontwerpen en te testen. 

 

Op komst zijn dus - tadaa! - lekkere truitjes, oogstrelende midi rokken in zijde, Japanse bloesjes met driekwart mouwen en onze nieuwe superzachte broek. Druk aan het werk dus, spoedig meer.

 

x Els 

 

eveneens van de easy breezy Angel in my eyes rokjes in een mix van linnen & katoen  

 

Keen intuition

Over een oog, schoonheid en andere kwesties...

 

 

In The Beauty of Everyday Things van Soetsu Yanagi staat een bijzondere passage over zien. Sommige mensen kunnen heel snel zien of iets mooi is. Uit een hele hoop rommel vissen ze net dat ene geweldige ding. Stuur deze mensen naar een winkel vol vodden en ze komen buiten met een pareltje. 

 

Volgens de Japanse schrijver en museumdirecteur Soetsu Yanagi gaat het niet enkel om het zien van schoonheid, maar om het zien van de ware aard van iets. De brave man - die dit schreef in de jaren 30 en 40 van de vorige eeuw - vond dat zijn landgenoten hier opvallend goed in waren. Dit Japanse oog voor schoonheid was een logisch gevolg van een grote nationale aandacht voor degelijk handwerk, wist hij. Hij voegde eraan toe dat je in Europa eenzelfde talent bij de Fransen aantrof. 

 

Maar wat ik echt tof vind, is dat dit zien intuïtief is. Opsmuk en praatjes doen er niet toe, het gaat om een oog, dat je hebt of niet. In The Beauty of Everyday Things gebruikte Yanagi de omschrijving 'keen intuition'. Enthousiaste, gretige intuïtie. Een innerlijke, mysterieuze kracht. Als dat niet is wat je wil bij het kiezen van kleren, kommetjes, jobs, vrienden en partners...

 

Toen ik nog als kunstcriticus werkte, had ik het weleens met kunstenaars over intuïtie. Geen enkel gezelschap zo goed voor het oefenen van je blik als dat van kunstenaars. Sommigen zagen zoveel bijzonders op straat dat ze altijd verdwaalden. Anderen maakten hilarische analyses van café-inrichtingen en interieurs. Ik weet een restaurant in Brussel waar het hele interieur naar de knoppen is door een slecht geplaatst brandalarm. Maar zolang niemand erop wijst, zie je het niet. Velen kunnen het werk van andere kunstenaars in een oogopslag maken of kraken. Bijna allemaal zijn ze heel snel in al dat zien

 

Wat ik ook merkte, is dat niet zoveel mensen over zo'n oog beschikken. Kunstenaars vaak wel, maar ook niet altijd. Veel mensen zijn er gewoon niet mee bezig. Anderen doen soms heel gewichtig, maar zijn vaak ziende blind. Vaak wordt er een hoop ophef gemaakt over dingen die gewoon duur zijn. 

 

Dat intuïtieve zien is een uitzonderlijk en merkwaardig talent. Ik ken kunstenaars die het hebben, maar het curieus genoeg niet voor hun eigen werk gebruiken. Of mensen met zo'n oog, maar totaal geen creatieve job. 

 

Schoonheid is ook zoiets. De term is een beetje verwaterd door overgebruik, denk ik. Beetje politiek correct en conservatief geworden. Schoonheid is teveel een oud schilderij van een blote vrouw, veel te lang aangestaard door extatische oude heertjes. Schoonheid mist frisheid. Het woord heeft geen kraak meer. Het is een oude sok. Het Engelse beauty heeft hetzelfde probleem. Beauty is een dood paard, al lang begraven of opgegeten. Het is tijd voor een alternatief, maar welk? 

 

Ik had ooit een vriendin die van zichzelf vond dat ze geen goeie smaak had. 'Al wat ik koop is lelijk,' zei ze. Waarna ze me inderdaad op haar deprimerende kussens en gordijnen wees. Toch merkwaardig. Want hoe weet je dat je smaak niet goed is als je er geen hebt? En wat doe je eraan? Een troost: goeie smaak is vaak slechte smaak in een modieus jasje. Veel dingen die op het ene moment mooi zijn, blijken een jaar later banaal. Dan is slechte smaak misschien nog een interessantere optie. 

 

Dan maar terug naar The Beauty of Everyday Things. Waarin het heel nadrukkelijk gaat over materialen en duurzaamheid. Dingen die gemaakt zijn om generaties lang mee te gaan. Mooi is dat. Bijna honderd jaar geleden al. 

 

x Els

 

Check je ook onze nieuwe Winterblossom May Skirt

 

 

Kleren, kleren, kleren,

kopen of dragen? 

 

 

Ik was altijd een gretige lezer van een stijlblog die inmiddels is opgedoekt. De schrijfster deed wekelijks verslag van wat ze gekocht had. Gewoon kleren, anders niks, ze kocht jurken en schoenen en al die dingen, en daar ging het dan over. Pretentieus kon je het blog echt niet noemen, het was gewoon wat het was. Maar ik kon het niet laten. Zodra ik dat mailtje zag, moest ik toch even checken wat de blogster zich nu weer had aangeschaft, en waarom. 

 

Ja, waarom? Omdat het mooi was, omdat het goed stond, omdat het niet duur was. Altijd een beetje hetzelfde, wellicht. Zelf ben ik al een tijdje gestopt met het almaar vergroten van mijn voorraad kleren. Vroeger was het weleens anders, maar door zelf kleren te ontwerpen, is mijn perspectief op mode helemaal veranderd. Ik begrijp natuurlijk wel hoe verleidelijk kleren zijn. En hoe moeilijk het is om aan al dat moois te weerstaan. Gelukkig hoef je ook niet aan alles te weerstaan. 

 

Onlangs las ik iets bijzonders. Iemand beweerde dat je de neiging hebt jezelf te herkennen in al die spullen. Je ziet jezelf als een puzzel die bestaat uit stukjes die je kan kopen. Die schoenen, dat parfum en die jas vervolledigen het beeld tot het helemaal klopt. Uiteraard is dat niet zo, maar het is verleidelijk het te denken. Het idee dat je incompleet bent zonder die trui of muts is heel sterk. Dus koop je ze, maar de vraag is, draag je ze dan ook? 

 

Hoewel minder, en anders (volgende keer daarover meer) koop ik ook dingen. Deze maand was dat een wijde katoenen broek bij Arket in de sale, die gelukkig paste ondanks de gesloten pashokjes. (Graag gedaan, Arket) Maar wat ik zag viel niet mee. Door de lockdown liggen de winkels nu bomvol onverkochte kleren. Straks is de nieuwe collectie daar, en moeten al die overschotten weg. Al dat werk voor niets. En al die kleren gereduceerd tot afval, waar niemand bovendien raad mee weet, ik vind het hallucinant. 

 

Kleren kopen en kleren dragen zijn duidelijk twee verschillende dingen. Kopen is entertainment, dragen is niks bijzonders. Winkels binnenlopen, rekken afgaan en iets passen is gezellig. Maar 's morgens beslissen dat je weer een jeans aantrekt omdat het regent is sleur. En toch. Je kan doen alsof je winkelt in je eigen kleerkast. Je kan elke dag een andere, nieuwe combinatie uitproberen. Je kan ruilen met iemand. Ik heb ontdekt dat ik kleren leuker vind naarmate ik ze mooier vind om henzelf. Om de kwaliteit van de stof, de originaliteit van het model, de manier waarop het kledingstuk langs je lichaam valt. Niks puzzelstukje, wel waardering voor al het werk dat eraan voorafging. Want als het een goed stuk is, is dat is niet niks. 

 

O ja, het rokje met de bloemen en de zwaluw op de foto is helemaal ontworpen naar Winterblossom-normen. Alles eraan is zacht, ademend en gemaakt van katoen, ook de voering. En echt, mooier konden we niet.

Binnenkort in onze webshop!

 

x Els 

 

Liefde in de kleerkast. 

 

Waarom je het ene kledingstuk elke dag wil dragen en het andere nooit.

Dit is mijn lijstje, of toch een deel ervan. 

1. Huid. Kleren zitten er dicht op, voor mij is dat de basis. Alles wat schuurt, prikt, knelt, brandt en hard of koud aanvoelt is een no go. En dat is veel, wanneer je zoals ik snel last hebt van allergische reacties of een geïrriteerde huid. Eerste vereiste bij kleren is dat ik ze gewoon kan dragen. Het had zijn tijd nodig, want beperking is lastig, maar uiteindelijk gaf ik het toch maar op met nylons, polyester voeringen en krampceinturen. 

 

2Materiaal. Maar niet getreurd, want sommige materialen hebben juist fantastische eigenschappen. De manier waarop zijde langs je lichaam valt. De ademende textuur ven katoenvoile. De soepele structuur van merino. De zachte stevigheid van linnen. Nog niet zolang geleden kocht ik een rol marineblauwe zijde omdat ik ze zo rijk van kleur en heerlijk comfortabel vond. Ze lag een tijdje te rusten tot ik precies wist wat we ermee gingen doen. Binnenkort te zien, wacht maar af ;-) Trouwens, onze zijden Winterblossom blouses zijn speciaal vanuit dit huidvriendelijke oogpunt gemaakt. 

 

3. De persoonlijke geschiedenis van je kleren. Met de blauw geruite Marc Jacobs-rok van de foto werd ik overvallen. Serieus. Gelukkig geen fysieke schade maar wel een ingeslagen autoruit en een gestolen handtas met daarin het indrukwekkende bedrag van 20 euro. Toen ik even later bij het geluid van naderende sirenes de overvaller weer in mijn richting zag lopen, stapte ik op hem af. Om hem de les te lezen over goed en kwaad en het nut van een eerlijke job. Hij verstond er geen jota van, maar om de een of andere reden vond ik het toch een goed gesprek. De politie liet hem lopen en ik spendeerde de rest van de avond op een Brussels politiebureau, verslag uitbrengend van iets waar toch geen vervolg op zou komen. Pfft, en dat allemaal in mijn beste rok. Sindsdien draag ik die rok meer dan voorheen. Samen hebben wij iets doorstaan, waren wij dapper en boden wij het hoofd aan criminelen en moedeloze politiemensen. Ik ben niet bijgelovig maar die rok en ik, op het internet ooit, dat was geen toeval. (Die flinke korting toen ook niet, by the way.)

 

4. Veelzijdigheid. Ik heb een navy broek met iets te korte, nogal wijde pijpen die altijd werkt. Ze past als gegoten bij elk seizoen, bij elk soort werk, na een dubbele spaghetti, op een vlooienmarkt in Berlijn, op een terrasje in Parijs, in musea, op een vergadering, als morele steunbroek bij een wortelkanaalbehandeling en wanneer ik in de keuken een ei bak. Het ultieme kledingstuk is zoals deze veelzijdige broek. Stelt nooit teleur, is altijd mooi en past bij alles. Ook even melden dat ik geen voorstander ben van kleren die na één keer dragen al aan het eind van hun carrière zijn gekomen. De stapel onbeminde vodden moet echt kleiner, op alle echelons. Als je twijfelt, laat het liggen. Stop buying sh*t. 

 

5. Straat. Ik kijk eigenlijk nooit naar mensen en wat ze dragen. Misschien dat ik meer op expressie en uitstraling let, voor zover ik al op iets let. Maar als iemand iets heel tofs draagt, iets dat anders is dan anders en goed gevonden, dan zie ik het wel. (For the record, staren of iemand van kop tot teen monsteren is zo erg, dat doe ik nooit.) Ik vind de straat vaak inspirerender dan modereportages of influencers op Instagram. Hoe iets valt wanneer je wandelt of fietst, hoe het eruit ziet tegen de achtergrond van het echte leven, en wie er juist voor die trui gekozen heeft, speelt ook mee. De straat is een filter, wat je daar ziet is het resultaat van een proces. Vaak zijn mijn op straat gebaseerde keuzes doordachter en draag ik die kleren meer. 

 

6. Intuïtie. Je kent het wel. Je grabbelt zomaar wat kleren bij elkaar en het resultaat is perfect, of, je moet iets aan voor een gelegenheid en elke poging is een flop. Wanneer je keuzes maakt zonder er echt bij stil te staan, ga je op je gevoel af en dat werkt eigenlijk heel goed. 'Eigenlijk weet je het al,' zei iemand eens toen ik ergens niet over kon kiezen. En zo is dat. 

 

Check je ook onze T-shirts en tops?

 

x Els 

 

Na de lockdown stijltips: inspiratie  

 

Inspiratie! Wat een heerlijk ding. Je zit wat voor je uit te dromen met de kat op schoot en plotseling gaat het van PANG! Daar heb je het, een geweldig idee dat je een eind verder slingert. Al is die PANG! meestal niet zo intens. Het is meer een opklaring op een grijze herfstnamiddag. Of een daad, alsof iemand met een zaklamp in jouw donkere, suffende hersenen schijnt. 

 

Je wil een geïnspireerd leven leiden. Of je weet niet eens dat je dat wil, je doet het gewoon. Of je doet het helemaal niet. Zo ken ik er ook, en die zijn best gelukkig. Waarschijnlijk dat het om aanleg gaat, een persoonlijke stijl. De ene wil zoveel mogelijk dingen opzuigen en de ander kan best zonder. Al die geestelijke commotie is niet voor iedereen weggelegd. All good, inspiratie is gelukkig geen vereiste. 

 

Maar belangrijk is het wel, voor mij althans. Soms zit ik weleens over cijfers gebogen, of ben ik belachelijk lang bezig met het zoeken naar een website die zinnige marketingtips levert, of kartonnen verpakkingen. Dan begin ik langzaam te vervagen. Elk uur een omtreklijntje minder. Na een dag enkel nog een zwart-witversie van mezelf. Mijn hersenen functioneren nog, maar de hele atmosfeer met lampjes en flitsjes eromheen valt stil. Het geluk slijt ook een beetje weg, dan. Gaat mee op in het ijle zoals de fut in mijn lijf en de flow in mijn hoofd. Als ik het zo zeg, lijkt inspiratie bijna een fysieke noodzaak. Eigenlijk is het dat ook. 

 

Stephen Fry zei eens dat hij zou kunnen leven zonder liefde, maar niet zonder kunst. Cool. Wat een intelligent statement ook. Het hangt er maar van af waar je het meest van geniet. Voor mij is het allemaal één, één pot nat, één dikke, stroperige chaos. Liefde is kunst is input is output. En weer terug. Je schept waar je van houdt, waar je hart zit, niet? Het is een stroom, soms een kalme, soms een wilde, zolang de zaak niet droogvalt is het oké.

 

Tot mijn vreugde heb ik ontdekt dat een kleine modebusiness runnen de stroom alleen maar doet versnellen. Ik zet elke dag een andere pet op - er is het ontwerpen, het produceren, het naar buiten brengen, sociale media, research, mijn klanten, administratie, lessen, het BTW-Armageddon (o yes) enzovoort. Vanzelfsprekend vergt niet ales creativiteit, maar zonder inspiratie was ik niet eens begonnen. Het maken van dit alles is een bron van energie. En door die energie kan ik weer verder. Inspiratie is een uitgangspunt. Wie zoekt die vindt, die zoekt, en vindt. 

 

O ja. Vlak nadat ik de foto hierboven had gemaakt, las ik dat Anna Wintour altijd nude pumps met een open teen draagt. Hm. Vreemd. Dat doe ik ook. Behalve in de winter, dan zijn die tenen dicht. Maar ik zou niet graag verdacht worden van stijldiefstal, of een vastgeroeste smaak in schoenen. Of dat ik me wil vergelijken met de baas van de Amerikaanse Vogue. En toch zal het wel geen toeval zijn. Donkere schoenen vallen meer op, terwijl nude zacht en discreet is. Bovendien is huidskleur makkelijk te combineren. En het leidt de blik naar omhoog, wat wel zo handig is wanneer je niet zo groot bent als Anna en ik. Schoenen. Ze kunnen in één klap alles doen slagen, of alles om zeep helpen. Hoe dat werkt is heel persoonlijk. Niets zo complex overigens als hoe mensen over hun voeten denken. Ongetwijfeld stof voor een blog op zich. 

 

Volgende keer maak ik een lijstje met wat uitleg over mijn inspiratiebronnen. Dat zou weleens heel lang kunnen zijn. Of raar. Want gelukkig zit inspiratie vaak niet waar je het denkt te vinden. 

 

x Els 

 

Lockdown stijltips: de koelkast, de tank en het versteende stukje deeg. 

 

Alright, we zijn haast honderd procent van de tijd thuis, en je kunt ook niet altijd werken, dus wil je nog iets anders doen. Maar wat? Opruimen? Ik begon aan het ladenkastje met rommel en administratie, maar aan het eind van de rit zat het nog even vol als aan het begin. Twintig jaar brol, gigantisch veel kaartjes, kindertekeningen, een collectie gummen, potloodslijpers, emotionele aandenkens, ingelijste grappen, kleine artistieke ditjes en datjes, klasfoto's, pasfoto's, ernaar kijken alleen al was een project, en dan wilde ik het ook nog opruimen.. Ik deed het, overigens, maar zonder zichtbaar resultaat. En dan zwijg ik nog over de lade met administratie... 

 

Er is iets aan de hand met het idee dat je leven is samengevat in een lade met rommel. Aan de ene kant is het vreselijk, aan de andere kant is het wel waar. Je hebt die plastic armband en dat versteende stukje deeg niet zomaar bewaard. Ze betekenden iets. Maar omdat dat een tikkeltje sentimenteel is, en je niet wil vasthaken aan het verleden, gooi je die dingen alsnog in de vuilnisbak. Daar. Weg met al dat oud zeer. Bitterzoete emoties, wat doe je ermee? Maar ik had het dus eigenlijk over dingen die je kunt doen wanneer je niet werkt en ook geen tv kijkt, en je hebt opgeruimd zonder zichtbaar resultaat. 

 

'Oké,' zei iemand hier onlangs, 'nu is het jouw beurt om voor de koelkast te staan'. Bij ons is koelkastkijken al bijna even gewoon als tv-kijken. Het onnadenkende zit-er-iets-in? Het vage gevoel dat je wel iets wil knabbelen, ook al heb je net gegeten en valt er straks weer te eten. Vaak werk ik aan de keukentafel en bewaak ik de frigo. Maar omdat ik geen indruk maak als gezagsinstantie werkt deze methode slecht. We probeerden radijsjes, selderstengels, sojayoghurt, kombucha, andere knabbeltjes en drankjes die niet lekker zijn, een lege koelkast, maar uiteindelijk is sociale controle toch de beste oplossing. We zijn bang van elkaars strenge blikken, we willen niet betrapt worden op ongeoorloofd eten. Als het erop aankomt, wil je niet degene zijn die achter de deur staat met een te groot stuk chocolade. Zo simpel is het. 

 

Ook knutselden we deze tank voor de poes in elkaar. La-chen! Maar raad eens wie er absoluut niet in wil? Katten houden alleen van kleine dozen, waar ze heerlijk met zichzelf in kunnen liggen. Ze willen knusheid, ze willen uitpuilen. Ze willen hun staart rond hun hoofd leggen. Geef hen een ruim vertrek en ze bedanken ervoor. Alle kattenfilmpjes ten spijt willen onze poezen ook niet deelnemen aan geënsceneerde taferelen. Fotogeniek, alles wat je wil, maar meedoen wanneer het tof zou zijn voor Instagram, nop. Check het rijtje kattenbrokjes bovenop de tank maar. Spontaneïteit? Totaal niet. 

 

Een zinnig tijdverdrijf is niet eenvoudig te vinden. Bloggen vind ik een aanrader. Terwijl ik dit blog aan het schrijven ben, blijf ik weg uit de koelkast. En omdat ik in de keuken zit, doen de anderen dat ook. En de poes? Die ligt te slapen in de lade met de pyjama's. Twintig jaar pyjama's... dat wordt ook nog wel wat. Tot volgende week. 

 

Check je ook onze sale

& onze luxueuze Winterblossom silk blouse?

 

x Els 

 

Lockdown stijltips, never kill your darlings top 5

 

Wat je mooi vindt, moet je dragen, lockdown of niet. Je favoriete kleren zeggen veel over wie je bent, en waar je van houdt. Heel bijzonder is dat, en een gids op je vestimentaire weg. Ik geloof niet zo in stijlprogramma's waarin de smaak van mensen zomaar weggehoond wordt. Why? Mensen zijn nu eenmaal dol op gekke dingen. Dat is helemaal niet erg. Huilen die deelnemers echt tranen van geluk op het eind van zo'n show, wanneer ze zichzelf terugzien in een polyester tailleur of een moeilijk sportvestje? Hm. Je hoort de tandwieltjes van hun persoonlijkheid gewoon heel hard piepen en knarsen dan.

 

Ik zou zeggen, blijf bij je liefdes maar zorg ervoor dat je goeie materialen kiest. En dat je kleren passen. Opgelet met alles wat in de plasticsfeer verkeert, en zeg nee tegen dingen die rekken, glimmen of uitpuilen. Te klein is een no go. Ja, we hangen nu met z'n allen rond de koelkast, en ja, we kopen massaal bakproducten. Een mens moet toch iets. Maar als de rits van je jeans alleen nog dichtgaat met vloeken en slaan, is het tijd voor iets anders. 

 

Want wat is stijl? Als twintiger piekerde ik me suf over wat ik moest dragen op allerlei gelegenheden. Ik had nooit iets dat paste en alles zat slecht. Intussen maak ik me niet meer zo druk. Niet om het soort gelegenheid en nog minder om de regels die gelden. Ik heb me toegelegd op het verzamelen van kleren die ik leuk vind, en waarvan ik weet dat ze me staan. Daar wijk ik graag vanaf, overigens, maar verder zijn het je favoriete kleren die bepalen hoe rustig je iets uit je kast pikt wanneer de tijd dringt. Ze bepalen jouw stijl. Never kill your darlings. Omarm ze liever. Dit zijn de mijne. 

 

1. De jeans. De jeans is mijn allerbeste textiele vriend. Warm als het koud is, onverslijtbaar, past op alles. Lang geleden kocht ik mijn geliefkoosde jeans bij Replay in Rome. Was eigenlijk ietsje te groot en aanzienlijk lichter van kleur dan ik had gehoopt, maar om een of andere reden werd het de basis van alle opvolgers. Onverwachts toch mijn type, dus. Van lichte jeans'en krijg ik het hele jaar door een zomergevoel, en een maatje te groot staat lekker puh. Helaas durven die Italiaanse exemplaartjes (Replay, Diesel) uiteindelijk wel scheuren. Maar anders, top. 

 

2. Het muiltje. Niet om het te verliezen om middernacht, maar omdat opstaan bij mij heel lang duurt en aankleden snel moet gaan. Ik heb perfect nieuwe sandalen van twintig jaar oud in de kast. Zogezegd voor een gelegenheid maar in werkelijkheid heb ik gewoon geen zin in dat gepruts met bandjes en sluitingen. De muil daarentegen is supersnel schoeisel. Hop en daar heb je ze al aan. Is zowel gekleed als pantoffeltachtig, een combinatie die ik erg fijn vind. Lukt voor dagelijks gebruik wel enkel met een model dat stevig aan je voet blijft hangen. Te grote muilen zijn zo onhandig. Die moet je gewoon mijden als je kan. 

 

3. Het rokje. Graag knielang maar langer of korter is geen probleem. Met smalle rokjes zie ik er op slag nogal serieus uit, met iets wijdere (zie mijn vorige post) voel ik me altijd een streepje vrolijker. Maar het idee blijft hetzelfde: twee stukken katoen en een elastiekje of rits, voor wie van eenvoud houdt is dit het summum. Wel is het kei- en keihard zoeken naar een stofje dat zowel qua materiaal als qua print volstaat. Vandaar dat wij binnenkort ook met een prrrrachtig Winterblossom rokje op de proppen komen! En als alles goed gaat, nog een tweede. Wacht maar af. 

 

4. De oversized broek. Yep, ik heb behoorlijk veel wijdvallende navy broeken. Klinkt mwoh, valt mee. Het ligt niet aan een of ander kledingmerk, en ook niet per se aan een modetrend (ik heb geen idee, eigenlijk) maar aan mijn eigen voorkeur voor grote donkerblauwe kledingstukken. Cropped vind ik super, een culotte dan weer iets lastiger, want die fladdert zo. Maar een degelijke, wijdvallende broek is elegant en stoer en heeft iets standvastigs. Deze draagster valt niet omver, zegt zo'n broek. Exact wat een vrouw dezer dagen nodig heeft. 

 

5. Het topje in zijde. Ik hou veel van kleren die bij elke gelegenheid werken. Dress to the occasion lijkt mij een beetje uit de tijd (maar verbeter me als dat niet zo is), kleren die altijd en overal werken vind ik het einde. Onder meer daarom bedachten we onze Winterblossom silk blouse (foto). Is eigenlijk een T-shirt zonder naden dat haast bij iedereen perfect valt, in het mooiste materiaal dat er is, zijde. In het wondermooie living coral ligt er nog slechts één in onze e-shop. Check het hier uit. 

 

x Els 

 

Stijlregels voor mensen die thuisblijven

 

 

1. Vergeet alle regels. Er is toch niemand in de buurt. En je huisgenoten zouden allang beter moeten weten. Dus. Wil jij vandaag in je pyjama naar de ...eh?..automaat bij de bakker, dan ga jij vandaag in je pyjama naar de automaat bij de bakker. Een plastic handschoentje erbij, mondmaskertje misschien, en je bent klaar voor de dag. 

 

2. Dit (1) gezegd zijnde vind ik dat je op allerlei manieren je voordeel kan doen met kleren. Ze kunnen je blij of triest maken, energiek of moe, stoer of truttig, slank of dik. Yep, ik geloof ook dat geluk van binnenuit komt, maar alle beetjes helpen. Wanneer er buiten een pandemie heerst, en ook nog een ijskoude wind, is alle hulp welkom. 

 

3. Zo draag ik met dit lenteweer graag mijn teder gekoesterde groene bloemetjesrok. Heb ik twintig jaar geleden nog bij het Belgische merk Chine gekocht. Is stilaan een antiek stuk, enorm doorschijnend en een ramp om te wassen, maar ik word er blij van dus who cares

 

4. Rood is een hele goeie crisiskleur. Herinnert je eraan dat het leven wel degelijk doorgaat, dat onze harten blijven kloppen en ons bloed blijft stromen. Zwart is haast altijd een uitstekende keuze, al moet je even overleggen bij de optie zwart all over. Roze is bijzonder, en ondanks Barbie een kleur met pit en persoonlijkheid. Blauw is rustig, maar helemaal navy kan verrassend zijn. Toen ik mijn dochter ooit ging ophalen in de kleuterklas, in een donkerblauwe trui en broek, vroeg een klasgenootje of ik 'van de politie' was. Je moet het kunnen incasseren hé. Met bruin zou ik niet overdrijven. Beetje somber en winters voor de lente. Tenzij het jouw kleur is uiteraard, dan zou ik alle registers opengooien. 

 

5. In lastige tijden draag ik graag goeie kleren. Geen vodden, geen kamerjassen en zéker geen sloffen, maar iets met vorm en een paar behoorlijke schoenen. Het geeft me het gevoel dat ik niet toegeef aan de ellende, miserie, coronacrisis of wat het ook is dat op mijn pad komt. In echte kleren ben ik wakker, en klaar voor de strijd. 

 

6. Sportoutfitjes zijn heel goed, slonspakken zijn deprimerend. Denk aan uitgerekte leggings, duizendmaal gewassen T-shirts, gerimpelde korte broeken, polyester broeken, joggingpakken uit de vorige eeuw, domme pulletjes en alles waar je achterwerk heel duidelijk door schijnt. Uh! Kleren die versleten of kapot zijn, hoe innig de liefde ook, mogen weg. 

 

7. Opgelet met papkleuren (beige, greige, abrikoos, huidskleur, puddinggeel, grijsgroen). Idem met jersey en kleren met veel elastieken. Je kan het proberen maar ze flatteren zelden en ze zorgen niet voor pit.  

 

8. Wat internet betreft, bestel iets waarvan je weet dat het je staat. Ik heb inmiddels niet onaardig wat exotische jurken met Chinese kraagjes, uitbundige motieven en vlindermouwen. Zeker niet slecht. Maar niks voor mij. Op die websites zagen de jurken er natuurlijk fan!tas!tisch uit. Maar zodra ik ze paste wist ik het: die jurk en ik, dat is niet wederzijds. Helaas. Zo jammer, maar soms moet je 't gewoon loslaten. 

 

9. Bij twijfel gewoon doen. Intuïtie is een geweldige gids.  

 

10. Check ook onze nieuwe Only wild hearts sleeveless T-shirts zoals op de foto hierboven.

Staan stoer en geven de nodige spice aan een jeans of rok. 

 

x Els 

 

 

Flou

 

De zoveelste dag van het corona-tijdperk

 

Weet iemand welke dag het is? Dagelijks is hier wel iemand die het vraagt. Maar waarom eigenlijk? Want of het nu dinsdag is of zaterdag, het maakt toch geen verschil. Elke dag zitten we elk een paar uur in ons eigen huisvak, videochattend, op schermen starend, telefonerend. Soms maakt iemand iets speciaals klaar (hoera!), of doen we een wandeling. Waarbij tegenliggers dan in blinde paniek bochten om ons maken. Of wij om hen. Supersaai. 

 

Gisteren kocht ik per ongeluk een paar rotte mandarijnen omdat een man steeds hoestend en rochelend in mijn buurt dreigde te komen. Hoest en spoed is zelden goed. Lullig rijmpje, maar het vat toch zo'n beetje het probleem van het winkelen samen. Die persoon die in de verte staat te wachten tot er plaats is bij de bananen? Dat ben ik. Elke keer heb ik na het winkelen een beetje maagpijn van de schrik. 

 

Doordat alle dagen op elkaar lijken, ben ik mijn focus kwijt. Geen idee wat me elke dag te doen staat. Vroeger dacht ik daar goed en efficiënt over na. Ik was creatief. Ik deed iets en vervolgens was daar een tastbaar bewijs van. Ik wist altijd wat ik daarna moest doen. Nu weet ik het zo niet. Ik geloof dat de vraag 'wat eten we vanavond' de meest frisse gedachte is die ik tegenwoordig heb op een dag. 

 

Ik ga echt heel laat slapen. Echt. Heel. Laat. Maar lang opblijven helpt wel tegen slapeloze nachten (so far...). Om de tijd te rekken kijk ik naar The New Pope van Paolo Sorrentino. Buitengewoon seksistisch, maar ook ongegeneerd kleurig, zwierig en barok. En het is niet spannend, wat de kalme overgang van dag naar nacht goed helpt verlopen. Jude Law en John Malkovich spelen de hoofdrollen. Kan geen kwaad als je niet zo'n geweldige slaper bent. 

 

Binnenkort (pfft) als de coronacrisis voorbij is, komen onze zijden winterblossom bloesjes ook in een wonderlijk mooie nieuwe kleur toe. Blijft nog even een verrassing, maar voorlopig hebben we nog steeds onze zeer elegante zwarte. Check ze hier

 

Stijltip van de week.

Zorg dat je het verschil kunt ziet tussen je dag- en nachtkleren. Al is het maar heel weinig, dat beetje moeite zorgt voor een opgeruimder gevoel.

 

En draag geen slappe vodden.

Grapje!

 

Alhoewel. 

Niemand voelt zich blij in slappe vodden. 

Dus geen grapje. 

 

x Els 

 

 

En met jou?

 

Corona Week 2...

Ongelooflijk wat voor wending dit alles neemt. Wereldwijd zitten mensen in dezelfde schuit, gaat alles dicht, stromen de ziekenhuizen vol, en kunnen we alleen maar lijdzaam afwachten. Bizar. En niemand die een oplossing heeft. 

 

Ik raak niet af van mijn nieuwsverslaving. Steeds neem ik me voor niet meer zo obsessief elk stukje informatie op te slokken, maar ik doe het toch. Op Twitter vond ik een paar nuttige Covid19 accounts, en die volg ik nu gretig. Of nee, veel te hongerig eigenlijk. Ik kijk bezorgd naar digitale wereldkaarten met hotspots, vergelijk vreselijke grafieken, lees al wat ik te pakken krijg... en doe vervolgens geen oog meer dicht. Ik heb het gevoel dat ik straks een corona-examen moet afleggen, en dat het alleen goed is wanneer ik deze hele toestand van naaldje tot draadje begrijp. 

 

Desondanks zijn er ook voordelen. Ik kan heel laat opblijven, want we moeten toch niet vroeg uit ons bed. Stress om allerlei dingen die geregeld moeten worden, valt gewoon weg. Haast is nutteloos, ineens moet er niks. Er kan ook niks. Boeken die al maanden lagen te wachten, lees ik nu uit. We denken eraan een moestuintje te beginnen. Sinds vorige week heb ik eindelijk tijd om om mijn pas verworven naaiskills te oefenen, en maak ik nu geweldige rokken in fantastische stofjes. Een handig verzetje, voor een piekeraar als ik. 

 

Gelukkig kan ik die fantastische stoffen nog bestellen op websites van lokale winkels. Die wel nog open zijn, want zo'n grote Italiaanse waar ik vaak op rondkijk, ging gisteren dicht. Shock. Je weet dat er véél moet gebeuren voor zo'n e-gigant de deuren sluit. 

 

Ik vermoed dat we met zijn allen wel zullen wennen aan dit nieuwe ritme. Niet meer vlug naar de winkel om een fles wijn, geen namiddagje shoppen, niet naar een tentoonstelling, naar theater, naar de film. Niet naar je werk. Ik kan me indenken dat het voor sommige mensen eenzame dagen zijn, of harde tijden voor wie in moeilijk gezelschap verkeert. Ik prijs me elke dag gelukkig dat mijn kinderen al wat groter zijn, en dat iedereen zich hier in zijn eentje kan bezighouden. Geen ruzies so far. Geen stress, geen gekibbel. Zo gaat dat blijkbaar. Hopen maar dat het zo blijft. 

 

Nu nog een oog dichtdoen 's nachts... Aftellen van 1000 naar 0 las ik ergens, maar dat werkt alleen averechts. Wandelen, sporten.. het resultaat is povertjes. Misschien kan ik voortaan 's nachts stukjes schrijven, romantisch bij het licht van mijn laptop en de maan? Gelukkig heb ik een kat die enthousiast komt liggen spinnen op mijn hoofdkussen. Houdt me ook uit mijn slaap, maar leuk is het wel, en ach, als het dat maar is. 

 

x Els 

 

P.S. neem je ook een kijkje in onze shop

 

Splendid isolation

 

Dus als ik het goed begrijp, wordt de paniek niet alleen veroorzaakt door het coronavirus, maar ook door thuisblijven. Wat erg. Ik heb eerder last van een aanslepende corona-nieuwsverslaving. Maar thuisblijven? Een ei. Ik heb altijd geweten dat ik talent heb om kloosterzuster te worden, en nu komt dat van pas. Hoofdwerk, zitwerk, een oersaai leven, ik vind het wel goed. Het zal wel uit gewoonte zijn, waarschijnlijk. Zolang er internet is, iets te lezen, en een gezond hapje, vind ik het allemaal best. 

 

En aangenaam gezelschap, dat is het natuurlijk helemaal. 

 

Opdat iedereen zijn huiswerk kan maken, verdeelden we ons huis in vier rare delen. 's Avonds is de verdeling weg en kan er weer gepraat, gelachen en geruzied worden. Maar overdag blijven we zo'n beetje elk in ons vak. Die opdeling ontstond vanzelf. Ik had graag het bureau maar kreeg (omdat de laptop er toevallig rondslingerde) de living. Man in huis had aanvankelijk de keuken. Maar omdat iedereen steeds boterhammen kwam maken terwijl hij videoconferenties had, heeft hij nu het bureau. De kinderen kregen de slaapkamers en de keuken. De gevreesde ruzies waar iedereen het over heeft, vallen tot hiertoe nog mee. Maar het weekend moet nog komen, misschien dat de pot dan overkookt? Hope not. 

 

Hoe ga je eigelijk om met dit Coronageddon? Ik geloof dat ik langzaam genoeg krijg van de hysterie. Dat gehamster, mijn eigen honger naar meer informatie, het begint wat te vervelen. Elk nieuwtje, elke kaart, elk cijfer wilde ik weten. Ik zapte van VRT naar NPO, naar BBC en weer terug, want ik moest ook horen hoe ze het elders aanpakten. Ik raakte vergroeid met mijn Twitteraccount. Ik kreeg smetvrees. Een mevrouw van een winkel werd kwaad op een klant die hoestte zonder een hand voor de mond te houden. Ik stond er verbluft naar te kijken, had ze gelijk? Ik durf nauwelijks mensen aankijken, bang dat ze te dicht zullen komen. Sociale fobie. Een deurklink is horror. 

 

Af en toe overvalt mij een gevoel van diep verdriet over alle ellende die plotseling rondgaat. Die beelden van zieke mensen in Italië, met bokalen over hun hoofd in ziekenhuisbedden, hoe absurd, hoe tragisch is dat, wie wil er zo bijzitten als zieke? Relativeren is een optie, al is de kans dat je besmet raakt 1 op 2. Maar paniek staat me tegen. Regels volgen wil ik nog, maar stressen niet. Ik ben blij met informatie van verstandige mensen die zich aan het schrijven zetten, en super mega dankbaar voor alle grappige filmpjes en cartoons die doorheen de miserie rollen. De rest hoop ik vanaf nu iets minder nadrukkelijk op te zuigen. Zal ongetwijfeld ergens goed voor zijn, maar pfft, hoeveel onheil kan een mens verdragen? 

 

However, voorlopig zitten we met zijn allen gezellig (samen) in ons huis, safe & sound. Valt wel mee. 

 

En verder ligt Winterblossom's eerste, fantastisch elegante blouse in zijde nu in de shop, 

hoera champagne... 🥂...(de timing kon beter, maar een stille toast kan er wel af)

 

x Els 

 

Dertig per week

 

Ik las het en daarna vond ik het artikel nergens meer terug, maar het bleef me intrigeren:

eet per week dertig verschillende soorten groenten en fruit, dat is immers heel goed voor je huid.

Het idee was niet in een slogan gevat, of in een rijm, maar het bleef wel hangen. 

 

Om huidproblemen zo goed mogelijk te helpen verdwijnen, is het van belang genoeg vitaminen, mineralen en andere stofjes binnen te krijgen (zo luidde de grondlijn van het stuk). Niet veel, maar veel verschillende soorten groenten en fruit zorgen dan voor resultaat. Ik vroeg het me af, dertig verschillende soorten, lukt dat? 

 

Alright, ik ben een gewoontedier. Ik koop elke week min of meer hetzelfde, wel gezond maar niet buitengewoon divers, en dat verspreid ik dan doorheen de keuken, hopend dat het tijdig opgegeten wordt. Mandarijntjes, pruimen, bananen, een appel, tomaten, sla, boontjes, komkommer, witte kool, gember en nootjes leg ik blindelings in mijn kar.

 

Mijn lijst varieert wel per seizoen, maar om nu te zeggen dat ik mij bij de boodschappen verder nog afvraag wat ik nog meer zal kopen? Een ananas of een mango? Palmkool of radicchio? Zelden. Voor variatie reken ik vaag op mijn huisgenoten, of op allerlei vegan afhaalmogelijkheden (pokébowls, slaatjes om mee te nemen, de foodmaker). 

 

Het idee van die dertig verschillende dingen confronteerde me met mijn ingesleten gedrag. Dat mocht inderdaad weleens anders. We besloten het idee te testen, en legden vlijtig lijsten aan op ons krijtbord in de keuken. 

 

Wat bleek? De eerste dagen maakten we ambitieuze gerechten of curry's met heel veel groenten. De dagen daarna deden we gemiddeld goede pogingen, om tegen het eind van de week af te zwakken tot twee verschillende soorten Gr & Fr per dag. De gevraagde dertig konden we met een klein beetje moeite halen, maar echt evident is het niet. Je moet wel je best doen. 

 

Bijgedachte. Onze dermatoloog hamert er altijd al op dat er geen bewezen verband is tussen de conditie van je huid en wat je eet. Aan de andere kant kan gezond eten geen kwaad. Dit alvast om het belang van die dertig verschillende soorten een beetje te relativeren. Het is geen wet. 

 

Maarrr. Sinds ik zoveel mogelijk vegan eet (vanwege algeheel vegetariërschap en een lactose-intolerantie) vind ik wel dat de conditie van mijn huid erop is vooruit gegaan. Zo droog als tevoren is ze niet meer, en met die eeuwige irritaties is het eigenlijk ook beter gesteld. Ik vind dat ik voor hetzelfde resultaat veel minder hoef te smeren. Misschien heeft het inderdaad met een gezonder dieet te maken, maar ik heb meer de indruk dat het wegstrepen van dierlijke vetten (boter, kaas en melk) goed voor me werkt. En dat doe ik nu al een maand of acht. 

 

En die dertig verschillende soorten challenge is eigenlijk wel leuk. Iets trager boodschappen doen, iets meer schillen en in stukjes snijden, maar de voordelen zijn groter én het is lekker. Volgens mij houden wij het nog even vol. 

 

x Els 

 

P.S. check ook onze T-shirts, tops & bottoms

 

Hallo winterblossom silk collection

 

Wie een huidje heeft dat weinig verdraagt weet het ongetwijfeld, zijde is het antwoord. Het is zacht, koel maar nooit kil, warm maar nooit heet, en prachtig om te zien. Heerlijk, dus wilden we het altijd al bij onze collectie. En straks is het zover, onze Winterblossom silk collection stuk nummer 1... is op komst.

 

Ik heb nogal wat wensen op het vlak van vorm en feel.. Stijl en draagcomfort staan bovenaan de lijst, dus was het focussen op een hemelse stof en een minimalistisch, puur design. Het resultaat wordt een beetje zoals de blouse op de foto. De naden aan de mouwen laten we weg, en alles wordt ook een centimetertje korter. De halslijn wordt een tikkeltje wijder, maar of je dat zal zien? 

 

Mijn zoekwerk van de laatste weken leverde een mooie, soepelvallende zijde op, en een partner die de klus - het naaien, door het splinternieuwe Atelier Marjolijn - voor ons kon klaren. Als alles goed gaat komt het eerste stuk er volgende week aan. Matzwart zal het zijn, ondoorzichtig, zeer luxueus en zonder kriebelende etiketjes. En alles Belgisch. 

 

Wist je dat echte zijde zo goed is voor je huid dat het irritaties kan helpen genezen? 

 

Het idee is dat je de blouse op eindeloos veel manieren kan dragen. Op een jeans, op een rok, onder een pak, casual, gekleed, naar een feest, in de stad, naar je werk. En dat het mooi en comfortabel is, en een streling voor je huid, daar doen we het voor. 

 

Check ook onze spring launch in de shop!

 

x Els 

 

Lieveling

 

Als het stijl betreft, mag hij eigenlijk niet ontbreken. Onze Flup, we vonden hem als piepklein kitten in de goot en nu is hij onze religieuze leider. Niet dat hij alles mag, maar hij wordt wel op handen gedragen. Als in: vertroeteld, geknuffeld, aanbeden, beschreven, bezongen en rondgedragen, Al die liefde heeft te maken met het feit dat hij met de papfles is grootgebracht. Zoiets schept een band. En die stijl... die heeft hij gewoon uit zichzelf.  

 

Mensen praten graag over hun huisdieren. Soms doen ze niets anders. Een huisdier brengt nu eenmaal liefde met zich mee, soms meer dan mensenliefde. Ik vind dat we dat meer moeten appreciëren. Ook voor dieren die niet in onze huizen leven. 

 

Onze Flup heeft lange poten en een adembenemend lijnenpatroon. Hij zit nooit never jamais op onze schoot, maar wordt wel graag rondgedragen op een schouder. Als hij honger heeft, valt hij onze voeten aan. Hij opent eigenhandig kasten die met een sleuteltje dichtgaan. Hij slaapt graag in mijn armen, heel lief is dat. Maar als het dan toch niet bevalt, bijt hij keihard in mijn handen. En dan gaat het alleen maar van kwaad naar erger. Er zit wild bloed in dat slanke lijf. 

 

Geen idee waarom juist, maar dieren hebben iets grappigs. Hoe ze lopen of snuffelen, hoe ze zich met een plofje neerleggen, ze wekken haast altijd mijn lachlust op. 

 

Wist je dat je per dag dat je geen vlees eet, één dier van de slachtbank redt? 

 

Het is absurd dat we de ene groep dieren koesteren en liefhebben, en de andere genadeloos afslachten voor consumptie. Hoe minder ik aan dat consumeren deelneem, hoe erger ik het vind. Vroeger deden de ingepakte kippen en biefstukken in de supermarkt me weinig, intussen vermijd ik ze. Het is een moeilijk ding. Winkels die nog openlijk met vlees koketteren en rompen en poten in het rond hangen lijken me kansloos. Nee, het is niet moeilijk, het is vreselijk. 

 

Maar terug naar stijl. Als onze Flup 's avonds aan tafel zit - want hij heeft zijn eigen stoel - passeert er vrijwel nooit iets wat hij lekker vindt. Geen vlees, geen vis, geen boter, geen melk. Geen hapjes. Hij krijgt zijn brokjes elders, maar hij houdt ons wel gezelschap. Als het culinair gesproken echt te saai voor hem wordt, knapt hij een uiltje. Mooi rechtop. Dat vind ik stijlvol gedrag. Niets te eten, en toch beleefd aan tafel. 

 

Stijl is aandacht... That's it. 

 

x Els 

 

P.S. check ook onze shop 

 

Soms zie je het, soms niet. Over het mysterieuze fenomeen stijl.

 

Stijl. Haast iedereen wil het. Maar wat is het eigenlijk?

 

Ik ken iemand die altijd gekleed gaat in een versleten jeans en een sweater. Vestimentair niets speciaals, maar het gaat wel om een heel elegante persoon.

 

Ik geloof niet dat het aan kleren ligt. Dat 'de kleren de man maken,' zoals het gezegde luidt. Stijl komt van elders. Het maakt niet uit of je staat met een jurk of een kapsel. Of je jas bij je broek past. Het gaat om iets anders. Iets dat in je hoofd zit, in je hart, en in de dingen die je doet. 

 

Ooit werd ik verliefd op iemand die altijd supermooi gekleed was. Dat was niet de enige factor (uiteraard). Maar wie zei ook alweer dat je verliefd moet worden met je ogen dicht? Goeie tip. Verliefd moet je worden met je ogen dicht. 

 

Kinderen hebben het vaak gewoon uit zichzelf. Ongeacht wat ze aan hebben. Het doet vermoeden dat stijl toch in een zekere achteloosheid schuilt, in eenvoud. Kinderen houden van makkelijke dingen. Dingen die prikken of knellen verstoppen ze achter in de kast. Dat vind ik een stijlvolle gedachte. 

 

Sinds ik dit blog bijhoud, zie ik mensen weleens kijken naar wat ik draag. Hm... door de week is dat een broek en een trui, soms een hemd en een broek. Als het koud is, draag ik nooit een rok. Uit weloverwogen luiheid ben ik geneigd elke dag hetzelfde aan te trekken. Een zwarte broek met een blauwe trui, een blauwe broek met een zwarte trui. Ik geef het toe, supersaai. Maar ik hou wel van pasvorm en mooie materialen. En ik ben dol op dingen waarvoor het niet uitmaakt wat ik draag. 

 

Ik ben me meestal niet erg bewust van wat mensen dragen. Het speelt ook maar een beperkte rol. Als ik denk aan mensen die ik goed gekleed vind, zie ik beelden voor me van judoka's, hele oude mensen, of koks. Of garagisten in overalls. Echt waar, kleren met een nut vind ik geweldig. Comfort vind ik mooi. Stijlgoeroes hebben er een hekel aan, maar waarom zou je een ongemakkelijk kledingstuk dragen? 

 

Stijl is voor mij grotendeels rust. Laat het een pyjama zijn, of een pak vol bloemetjes. De een voelt zich thuis in een duur designerkostuum, de ander in een schort. Het idee dat je moet doen wat een ander vindt is volkomen absurd. O, en bij twijfel, kies voor iets duurzaams. Fast fashion maakt zoveel kapot.

 

x Els 

 

P.S. het biokatoenen grijze truitje is te koop in onze shop. Op de foto klikken kan ook. 

 

Hoe schud je de stress van je af?

 

... met lezen! 

Ik hoor dat hardlopen en series heel erg in trek zijn, en dat is uitstekend, maar ik doe er toch dagelijks een streepje lectuur bij. Dat levert na honderd jaar - want zo oud ben ik na al dat lezen - een expansieve bibliotheek op. Teveel helaas, onze kasten zitten allemaal vol zodat ik nu stapeltjes maak tegen de muur van de slaapkamer. Verder geen nood, ik ben nog altijd geen obsessieve verzamelaar, en af en toe geef ik een paar zakken af bij de kringloop. 

 

Ik legde voor de gelegenheid een paar van mijn favoriete boeken op een hoop (met veel Murakami's, Elizabeth Gilbert, het inspirerende Tokyo Street Style en het prachtige The Little Snake van A.L. Kennedy) en moffelde ook mijn eigen verhalenbundel tussen de stapel. O yes. Als ik 's avonds niet eerst nog een kwartiertje lees, kan ik niet slapen. Maar het steekt wel nauw welk boek het is.

 

Ik hoorde onlangs iemand die het had over leeseten, het kan ook eet-lezen geweest zijn, geen idee wat het nu ook weer was.  Dat je leest terwijl je eet, dus. Ik ben meer een slaaplezer. Niet dat ik slaap terwijl ik lees, maar het is wel handig wanneer beide werelden een beetje op elkaar aansluiten.

 

Een laat uur, een bed, een lampje en een goed, eigenzinnig, obscuur boek, daar kan weinig tegenop. Voor mij geen situaties onder de Vlaamse kerktoren liefst, doe mij maar een plek met twee manen of een overwoekerd standbeeld dat nu en dan tot leven komt, of een café waarin je kan tijdreizen, of een man die verandert in een kever, of een kever in een man.  

 

Als ik een boek kies, in een winkel of op het internet, vraag ik me af of ik er iets kan van leren, en of het onderwerp interessant is. (Is niet per se hetzelfde.) Het gebeurt dat ik dan toch met een oersaai boek naar huis ga. Als ik dat merk, en je merkt zoiets altijd vrij snel gelukkig, zet ik niet door. Al kan een boek waarvan je daadwerkelijk in slaap valt, ook erg nuttig zijn. 

 

Ik had deze week overigens een stressvolle tijd, omdat niets van wat ik me had voorgenomen, lukte. Ik had voor alles meer tijd nodig dan ik had gehoopt, en met deze winterse grijsheid raakte ik de hele week niet in het zadel. Ik had geen last van stress maar wel van een soort traagheid, alsof ik alleen op halve snelheid kon draaien. Maar ik heb wel ietsje meer gelezen. Onder meer in Before the coffee gets cold van Toshikazu Kawaguchi, een heel fijntje. Waar het snel moet gaan, voordat de koffie koud wordt. Hm...

 

O ja, neem zeker ook een kijkje in onze shop

 

x Els 

 

5 extra dingen waar je gelukkig van wordt

 

Want als het erom gaat gelukkig te zijn, kan je maar beter geen limiet hebben. 

Ik doe er - zie mijn vorige post - nog 5 bij. 

 

1. Big Magic van Elizabeth Gilbert. Het boek bestaat al een paar jaar, maar ik hoorde er pas onlangs van. Zelden heb ik iemand met zoveel liefde en waardering over creativiteit weten schrijven. Gilbert pleit voor een kleuriger, rijker en moediger leven, ook wanneer je twijfelt. Heerlijk. (Ook voor wie niet twijfelt.)

 

2. Een geslaagd bezoek aan de kapper. Mijn haarkleur is weer goed. Even recapituleren. Een paar posts geleden kwam ik met een poppenkapsel terug van een matig kappersbezoek. Schrok behoorlijk bij elke blik in de spiegel. Maar ik maakte een afspraak bij een andere kapper, en bestelde een knipbeurt en een zachte ombré. Weg was mijn doffe haar. Goeie kappers moeten we koesteren, dankjewel Brenda. 

 

3. Winkelen wanneer het al donker is. Rond kerst is het al leuk, maar nu de drukte geluwd is en de massa verdwenen, is de duisternis dieper. Iets kopen is niet van belang, de stilte des te meer. Werkt voor mij nog beter met een streepje mist erbij. 

 

4. Koffie met havermelk. Ik testte het uit sinds mijn tijd met melk (en boter, room, yoghurt etcetera) erop zit. Mixt beter met koffie, is lekkerder dan een klassieke latte. En kunnen die brave koeien hun melk gewoon voor hun kalfjes houden. 

 

5. Complexiteit omarmen. Je kan de kamerplant bekijken als een decoratiestuk, of als een levend object met een soortnaam, een geschiedenis, een herkomst, groei, kleur, kans op leven of dood, een zwelger van licht en gever van zuurstof, én een vorm van gezelschap die jij hebt uitgezocht omdat je hield van sprieten of cirkels, van lichtgroen of donker, van modieus of ouderwets. En om het nog wat ingewikkelder te maken: wat zeggen die keuzes over jou?

 

Je kan de kat zien als een huisdier dat slaapt op de bank. Of als een vriend met wie je een innige band hebt omdat jullie elkaar al zo lang lang kennen. Die band uit zich in allerlei vriendelijke, vrolijke gebaren en gedachten die het begin kunnen zijn van een ontroerende roman over jou en je kat.

 

Je kan je kind, man, lief, vriendin, school, job, Instagramacount, lunch, tv-avond, stijl, kookkunst of sokken beschouwen als iets smals of iets breeds. Waren je keuzes ingegeven door survival of liefde? Sociale druk of persoonlijke overweging? Ik vraag me dit soort dingen graag af, ook al word ik daardoor wel eens versleten voor moeilijk of vreemd. Geen idee of het voor iedereen werkt, maar ik word er gelukkig van. Doe mij maar wat meer. 

 

x Els 

 

5 dingen waar ik (echt altijd) gelukkig van word

 

1. De geur van koffie in de ochtend. Of in de voormiddag, want gelukkig moeten we niet de hele week opstaan als het buiten nog donker is. Volgens mij ben ik een eeuwigheid geleden aan koffie begonnen vanwege de geur. Heerlijk. En goed begonnen is half gewonnen. Hoewel het daarna toch nog altijd bergaf kan met je dag... Voldoende koffie nuttigen dus, ben je in elk geval wakker. 

 

2. Franse vrouwentijdschriften. Misschien niet de meest voor de hand liggende bron van geluk, maar ik hou ervan. En ook vind ik bladeren soms fijner dan swipen of klikken. In pakweg Marie Claire en Elle staan knappe stukken over wat vrouwen in nabije of verre contreien denken en doen. Dat zijn vaak stoere verhalen met een boodschap van hoop. Feminisme op zijn best, les Françaises weten er uitstekend weg mee. En natuurlijk zijn de modereportages ook niet mis.

 

3. Boeken. Literatuur of non-fictie, op zich kan het allebei. Maar selectief zijn is geboden, want er zijn genoeg boeken waar je niet blij van wordt. Ik las onlangs een boekje over markering en was daarna uren uit mijn hum (te hol, te eenzijdig, het boek was ongetwijfeld geschreven door een robot). Ongefundeerde somberheid, zo-en-niet-anders-teksten, saaiheid en liefdeloze adviezen probeer ik te mijden. Dan ben je meer met iets moois, zoals Kafka op het strand van Haruki Murakami. 

 

4. Kunst. Ja, waar zal ik beginnen. Het was jarenlang mijn werk om erover te schrijven, en ik kan nog altijd niet zonder. Weliswaar ga ik nu minder naar tentoonstellingen, maar àls ik ga, ben ik extra gelukkig. Net zoals met boeken kies ik ook mijn kunst zorgvuldig. Mijn bezoeken zijn meestal gebaseerd op wat ik al weet. Zomaar ergens binnenlopen doe ik niet zo dikwijls, maar ik ga wel driehonderd kilometer verder naar iets kijken omdat het van een kunstenaar is die ik goed vind. De installatie op de foto is van de Japanse Chiharu Shiota, en is nog even te zien in het Brusselse Museum voor Schone Kunsten. Alleen die kleur al, wat wil je nog meer? 

 

5. Dieren. Ik kan me niet voorstellen dat ik lang ongelukkig zou blijven in de nabijheid van een dier. Die vriendelijke blikken, die zachte pelsjes, die eerlijkheid, daar kan weinig tegenop. Mocht het ooit nodig zijn, dan begin ik een asiel voor verwaarloosde katten, honden of struisvogels. Maar voorlopig houd ik het op vegetarisch eten. Niet dat dit de motivatie was, maar op die manier kan onze kater mee aan tafel zitten zonder dat hij van onze borden steelt. Erg gezellig, zo'n kattenkop die boven het tafelblad uitsteekt. 

 

x Els 

 

Solden Koopjes Sale, erdoor of erlangs?

 

Omdat ik mijn nieuwe haarkleur een beetje te fel vind - hoe dat kwam kan je lezen in mijn vorige post - draag ik de laatste tijd graag een muts. Ik heb inmiddels een zwarte en een rode en die zijn wel leuk. Dus dacht ik, het zijn solden, laat ik eens zien of ik niet nog een ander kleurtje vind voor een zachte prijs. 

 

In België zijn de solden pas dit weekend begonnen. In vergelijking met het internet of Nederland is dat rijkelijk laat. Iedereen heeft al alles voor een prikje op Zalando gekocht, of vergis ik me? Hoe dan ook, vanwege dat mutsje dook ik ook in de mensenstroom, en golfde mee langs etalages met kortingstickers, megastores, kerstlichtjes en knusse boetieks.

 

Niet veel later vond ik een leuk oranje mutsje in een winkel van een Belgisch merk dat begint met een B. Het was erg vol in de zaak. Iedereen plooide zo'n beetje mee met de drukte, probeerde niet vast te haken in andermans boodschappen en wachtte even tot een bepaald artikel kon worden bekeken. Ik raakte er moeilijk door met het mutsje (49 € nu min 30 %). Voor de spaarzame spiegels stonden telkens zo veel mensen dat ik het mutsje niet kon passen. Ik overwoog het toch te passen en dan door alle hoofden heen te checken of het iets was, maar dat leek me al met al maar een slecht plan. 

 

Heb ik dat wel nodig, zo'n derde muts? dacht ik, bij gebrek aan ademruimte. Het antwoord was nee en dus verliet ik de winkel, zonder paskans en zonder koopje. Maar eens je van kortingen hebt gesnoven, moeten ze ook worden verkregen blijkbaar. Ik probeerde een geweldig boetiekje met heerlijke kleren die wel een kortinkje kunnen hebben.

 

Hele goeie kleren, maar zomaar kopen zonder vestimentaire aanleiding lukt me niet best. Ik bekeek haast alles, checkte stofjes, kragen en prijskaartjes, en vond... niks. Ik hou nochtans van kortingen, dus daar ligt het niet aan. Maar iets kopen zonder concrete reden maakt me zelden gelukkig. Het moet toch een beetje nodig zijn. That is, het kledingstuk moet een handige aanvulling zijn, niet zomaar een zoveelste item dat ik straks nergens mee kan combineren.

 

Het nieuwe kledingstuk moet een soort familielid zijn van de truien en rokken die ik al heb. Niet hetzelfde maar anders, en toch verwant. Het moet aansluiten bij de interne logica van mijn garderobe. Tja, zo is het nu eenmaal. Ik heb een enorme hekel aan miskopen. 

 

Op straat zag ik een vrouw die in het geweldige boetiekje een mooie blouse en een echt goeie broek ging passen. Ze had ze niet gekocht. Ziedaar, dacht ik, nog iemand met een interne logica. 

 

Toen ik dacht dat er niks voor mij bij was, ging ik toch overstag. 

 

In een vierde boetiekje kocht ik alsnog twee paar sokken van het charmant libertijnse Coucou Suzette, één met een zoenend stelletje en een ander met mosselen en frieten. Nodig? Wel, ik draag veel zwart en donkerblauw en dan fleurt zo'n zoen of frietje de zaak wel op. Verwantschap? Zeker wel, in donkere tijden zoals deze wend ik me graag tot een vrolijke sok.

 

Doet me trouwens denken aan een andere Coucou, aan het Brusselse Kasteleinsplein. Deze Coucou is een winkeltje waar je hele chique jurken en jasjes kunt huren. Dragen, terugbrengen, voor niet zoveel geld. Niet zo soft en organic als in onze shop, maar ideaal tegen miskopen en ontzettend goed tegen overconsumptie.

 

Recycleren, las ik ergens, is de oplossing niet. Kleren - of wat het ook is, eigenlijk - duurzaam maken, beter kopen en langer gebruiken, is een logischer optie. 

 

Ladies, we find solutions. 

 

x Els 

 

Waarom ik een muts kocht

 

Waarom ik nooit iets op mijn hoofd zet maar vannacht toch een muts bestelde, in 6 stappen.

 

1. Ik kom net van de kapper en het resultaat valt, hm... een beetje tegen. Beetje fake, niet? Toen ik het resultaat besprak vond de kapster dat ik ongelijk had. Ondertussen zat een meisje me vanuit haar stoel de hele tijd aan te kijken. De ontevreden klant. Ik was niet overstuur of boos, maar ik wilde wel graag weten of de kapster nog een andere mogelijkheid uit haar hoed kon toveren. Nop. Einde van de rit. Honderdvijftien euro voor kleuren, verzorging en brushen. Ik haastte me naar huis met een nog natintelende schedel. 

 

2. Dat kwam zo. Een paar maanden al zie ik elke dag een soort van nieuw wit haar op mijn hoofd verschijnen. De tand des tijds heeft het gemunt op mijn asbruine kleur. Niet sensationeel die kleur, maar ik ben er aan gehecht. Zolang die witte haren ergens opzij of achteraan zaten, zag ik nergens graten in. Maar de laatste tijd begon je hen ook rond mijn gezicht te zien, en daar kon ik uiteindelijk niet te best tegen. 

 

3. Let wel, ik was lange tijd verdedigster van grijs en naturel. Al dat verven was zo ingewikkeld en duur, waarom zou je? Desondanks probeerde ik voorzichtig een toefje kleurshampoo uit de biowinkel. Kon ik er altijd nog uitwassen. Het toefje gaf geen resultaat, dus deed ik de volgende keer wat meer op. Dat meer gaf een gekke honingkleurige gloed. Ik probeerde een donkerder tint. Beetje auberginekleurig. Ik mengde de honing en de aubergine. Geen succes alweer, maar na wat wassen was het probleem hoe dan ook opgelost.

 

4. En zo kon ik niet aan de verleiding weerstaan. Geen witte haren, hoe mooi zou dat niet zijn? Na de zoveelste zorgelijke blik in de spiegel en het besef dat het proces onomkeerbaar was, kocht ik een Echte Kleuring. Op het internet. Ik ging heel precies aan het werk met een mengbakje en grote plastieken handschoenen. Spannend. Mijn nieuwe zorgeloze ik zou weldra tevoorschijn komen. Ik deed alles volgens plan, wachtte en wachtte en... kwam de badkamer uit met een koperkleurig kapsel. 

 

5. Ik dacht altijd dat ik niet zo heel ijdel was over mijn haar. Een à twee keer per jaar naar de kapper, 's morgens negeren, af en toe wassen, dat is het zowat. Dat achteloze had ik niet uit luiheid, maar omdat mijn huidige kapsel na allerlei andere versies en vormen het beste is gebleken. Ik testte ooit kort haar, een bob, schouderlang, lang, blond, streepjes, donker, ros en groen, dat laatste eerder onbedoeld overigens. Ik had al het kapsel van de zangeres van Texas gehad, een knot, krullen, Goedele Liekens en Rachel uit Friends. 

 

6. Maar koperkleurig vond ik niet zo tof. Ik zocht me me een slag in de rondte en vond dat je met blauwe shampoo oranje kunt wegwassen. Een mogelijkheid, want ik schrok nogal van mezelf en mijn haar in liften en supermarkten. Vanzelfsprekend wilde ik niet zeuren, maar echt, dat oranje deed niks goeds voor me. Uit veiligheidsoverwegingen kocht ik toch maar een muts. Ik vond ze vannacht in een lokale webshop en ging vandaag twee keer de brievenbus checken, helaas zonder muts vooralsnog.

 

En deze ochtend ging ik dus naar de kapper, met het bekende matige, rare, poppenhaar-achtige resultaat. Ja, ja, sommige mensen hebben echte problemen, I know. 

 

Maar toch, een paar sprietjes grijs wegwerken, waarom kan dat niet simpeler? Waarom kun je geen haarverf kopen die niet onbedoeld paars, oranje of zonnebloemgeel uitslaat? En ben ik de enige die deze klus zo moeilijk vindt? Strange. 

 

Een mutsje dan maar, dat staat ook wel en pfft het is nu toch winter.

 

x Els 

 

Vegan, en hoe dat kwam

 

Al een tijdje eten we vegetarisch en heel vaak vegan. Dat is leuk, en goed voor het klimaat, maar het is niet zo dat we het van de ene op de andere dag hebben besloten. Het ging stapsgewijs, en er speelden ook rare toevalligheden mee.

 

Ik houd veel van dieren en was al vroeg een twijfelende vleeseter. Als het echt niet anders kon, at ik wel een worstje, maar vanzelfsprekend vond ik het niet. Op een dag besloot onze man in huis geen vlees meer te eten. Hij deed het omdat hij gezonder wilde leven. Hij wilde switchen naar een eetpatroon met meer groente en minder vet. 

 

Man in huis was vastbesloten, en al snel bleek het handiger om gewoon mee te doen, in plaats van twee verschillende versies van iets op tafel te zetten. Spaghetti met en spaghetti zonder gehakt, die dingen, dat werd in geen tijd te ingewikkeld. Maar we waren ook gemotiveerd. Niemand hier at achteloos of supergraag vlees. Het werd logisch om de stap naar geen vlees te zetten.   

 

Onze oudste dochter pleitte voor echt vegetariërschap en schrapte ook vis uit haar menu. Na een tijdje deed iedereen mee en aten we vis noch vlees, en dat lukte best goed. Ik deed uitgebreid navraag en leerde dat een vegetarisch dieet wel degelijk goed is, ook voor kinderen, omdat je hele voedingspatroon erop vooruitgaat. 

 

Er kwam wel wat kritiek. In verband met etentjes en zo is het soms makkelijker om zelf een oplossing aan te dragen. Maar als je iets op een andere manier wil doen is er altijd kritiek, dat zal wel normaal zijn. En eerlijk, die dierentransporten met kalfjes die je aankijken door de spleten van de vrachtwagen... die hebben me zonder twijfel ook van de slagerstoonbank weggeleid.

 

In dezelfde periode tikten we een kookboek op de kop met eenvoudig te maken Japanse gerechten. Groente, noedels en tofu kan je bereiden of bakken met gember, sesamolie en sojasaus, zo lekker dat het zelfs een beetje verslavend is. 

 

Het idee om vegan te eten kwam ook op tafel. Aanvankelijk leek het me complex en had ik het gevoel niet voldoende alternatieven te hebben voor dingen als boter en melk. Maar toen werd ik zo'n beetje van de ene op de andere dag lactose-intolerant. Na een hele hoop krampen durfde ik niet meer in de buurt te komen van alles wat met zuivel bereid was, en moest ik op zoek naar alternatieven. Gelukkig zijn die er tegenwoordig volop, en omdat het gewoon eenvoudiger is, hebben we de spulletjes met melk vervangen door vegan versies. 

 

Kwam erop neer dat telkens wanneer één gezinslid iets wilde (of moest) veranderen, de anderen meededen. En...het werkt, het koken is leuker, vegetarisch en vegan eten is lekker en uitstekend voor de lijn, en iedereen voelt zich betrokken bij wat er 's avonds op tafel komt. Dat laatste vond ik verrassend, alleen maar goed toch? Aanradertje. 

 

x Els 

 

Veertig something, hoe doe je dat?

 

Het maakt niks uit natuurlijk, veertig something, dertig something, honderd something. Ik ben gewoon bezig met wat ik nuttig vind, niet zo heel anders dan twintig jaar geleden eigenlijk. Maar voor de buitenwereld is het misschien toch een itempje. Dames, onze zelfwaardering versus onze leeftijd is een ingewikkelde kwestie. Heren, idem. Er is iets mis met stijgende jaren of - nee, echt - er is iets mis met mensen die anderen misprijzen om hun leeftijd. 

 

Het voordeel aan veertig something zijn is dat je ook twintig something en dertig something bent geweest. En ook dat was telkens een itempje. Je was te jong, je was onervaren, je kreeg te maken met allerlei heertjes die belangrijk wilden lijken. Je was weliswaar jong maar je had nog geen lief, daarna had je nog geen kind, en dan nog geen huis. Toen had je een kind maar wanneer kwam het tweede, toen had je een tweede maar was je niet meer jong. Je was al rijper, zoals een peer die al een hele tijd in de fruitschaal ligt. In je vriendenkring wordt er gepraat over rimpels en hangende huid. Hell, je lette even niet op en toen was je rijp voor de blender.  

 

Het voordeel is dat ik mezelf inmiddels al een hele tijd ken en daarom veel betere dingen beslis. Ik vermijd situaties die te luid of te druk zijn. Ik vermijd voedsel dat ik niet lekker vind. Ik doe niet mee met hypes behalve wanneer ze me goed staan. Dit is het zo'n beetje, en mijn leven verloopt aanzienlijk vlotter sinds ik deze regels volg. 

 

Maar eerlijk, het is qua leeftijd al zo'n gedoe geweest dat ik er inmiddels gewoon aan voorbij ga. Er is ook eigenlijk niets dat ik vervelend vind aan veertig something, behalve natuurlijk dat het een beetje gênant lijkt te zijn. Zo oud al? Shame on you. Verder gaat het leven gewoon door, met alle hangende en slepende ellende van dien. Je zou kunnen denken dat het vanaf veertig something alleen nog bergaf gaat. Maar de pessimist in mij vraagt zich dan af wanneer het eigenlijk ooit bergop ging. Toen ik tussen de fruitpapjes en de slapeloze nachten door deadlines probeerde te halen? 

 

Een zeker nonchalance ten opzichte van leeftijd kan erg van pas komen. Je ziet anderen er heel ernstig mee omspringen, maar zelf denk je meer aan onderhoudende oplossingen. Kunst, boeken, Isle of dogs, yakisoba-saus. Waar je je focus legt, daar gaat het om. Omdat sommige dingen nu eenmaal belangrijker zijn dan andere. 

 

It's about personality dear, not age. 

 

x Els 

 

Dealen met een gevoelige huid? 5 dingen om te weten

 

Een gevoelige huid is een beetje een mysterie. Achter elk soort uitslag kan een heel verhaal schuilgaan, soms ernstig van aard, soms onschuldig. Als bezitter van zo'n huidje heb je er vaak zelf het raden naar, en kan het een hele tijd duren voor je weet wat er aan de hand is. En je krijgt allerlei 'adviezen'. Je bent gevoelig, de huid is de spiegel van de ziel, het komt door stress, allemaal zaken die men zegt en waar je machteloos tegenover staat. 

 

Ooit had ik last van huidirritaties waar niemand raad mee wist. Dat was al een klus op zich, maar ik moest haast nog meer dealen met een aanzienlijke hoeveelheid waarschijnlijke en twijfelachtige oorzaken die langs alle kanten kwamen aanwaaien. Voedsel, chocolade, koffie, melkproducten, slechte lucht, emoties, stress, het zat 'm in je bloed... er kwam geen eind aan de lijst. Nonsens? Geen nonsens? Deze 5 inzichten vind ik alvast nuttig - en ze hebben gelukkig ook niks met koffie te maken. 

 

1. Als je aanleg hebt voor huidproblemen kunnen emoties en stress inderdaad een rol spelen. Ze kunnen problemen verergeren, of sluimerende zaken zichtbaar maken. Ook mensen met een gezonde huid kunnen door emotionele veranderingen een droge, geïrriteerde of gevoelige huid krijgen. Maar het gaat niet alleen om stress, ook genetische en omgevingfactoren spelen soms mee. Veel kans trouwens dat het huidprobleem opgelost raakt wanneer de oorzaak van de stress verdwijnt. Been there. 

 

2. Emoties hebben een bijzondere impact op de barrièrefunctie van je huid. Niet alleen kan je huid zich in lastige omstandigheden moeilijker verdedigen, ze kan ook minder snel herstellen. Het is geen slecht idee om in tijden van stress extra aandacht te besteden aan je huid. 

 

3. Je huid is verbonden met de hersenen, specifiek met een deel waar gevoelens van veiligheid ontstaan. Wanneer je huid geïrriteerd of beschadigd is, kan dit gevoel van veiligheid verdwijnen. Zeker in verband met kinderen is het goed om dit te weten.  

 

4. Mensen met een gevoelige huid zijn niet noodzakelijk gevoelige mensen. Gevoeligheid in algemene zin is een zaak van afstemmen, hoe stem je af op de wereld om je heen? Gevoelige mensen hebben een scherper afgestemd zenuwstelsel. Ze ervaren meer en voelen dingen dieper. Dat is een voordeel (bij het sneller herkennen van gevaar bijvoorbeeld), maar het maakt ook kwetsbaar en vatbaar voor stress. 

 

5. Gevoelige mensen hebben twee opties, leren omgaan met emoties of ...afzien. Luisteren naar je innerlijke stem is behalve interessant ook noodzakelijk. Vertelt de stem je dat bepaalde situaties je stress bezorgen, luister dan en neem maatregelen. Moet je dagelijks door situaties die voor de meesten haalbaar zijn maar voor jou ondraaglijk? Ga ze uit de weg. Je leven zo indelen dat je niet steeds moet omgaan met gevoelens van angst of stress is een belangrijke stap. You go girl, of boy.

 

x Els  

 

Soft stories - 8 no-stress-stijltips 

 

Stijltips gaan meestal over wat je kan doen om er chique uit te zien. Maar je outfits samenstellen zonder stress én met een streepje plezier vind ik ook heel wat. Ken je die momenten waarbij je allerlei dingen aantrekt en niks werkt? Stressen! De klok tikt en daar sta je dan, radeloos te piekeren in een psychedelische hemdjurk. Dat is zo lastig, en nochtans te vermijden. Ziedaar tip nummer...

 

1. Tijd

Neem de tijd. Het idee dat je in één beweging kunt kiezen, passen, optutten en wegwezen is alleen mogelijk in films. Je kunt beter ruim op voorhand nagaan wat je aan kan trekken, en checken of alles netjes en niet al te verkreukeld is (o nee, op dat perfecte bloesje zit nog een vlek van de vorige keer, bummer..). Doe er bubbeltje en een fijn muziekje bij, en je ziet er straks beeldig uit. 

 

2. Laat die combinatie

Maak het jezelf niet moeilijk met combinatie-stress. Dingen hoeven niet per se bij mekaar te passen, wel moeten ze bij je humeur passen. Er zijn geen regels voor outfits die werken, vaak is een match gewoon toeval, of staat iets goed omdat je er relaxed over bent. If not: donker bij licht is vaak een goede optie, of vastbesloten kiezen voor je lievelingskledingstuk, ook al is het niet het juiste seizoen, helpt ook een handje. 

 

3. Riem

Ik was nooit een fan van de riem tot ik het toch een keer uitprobeerde. Met een riem in een contrasterende kleur - een lichte op een donker pak bijvoorbeeld, of een zachte op een wat fellere kleur - kom je al een heel eind. Met een beetje geluk is die riem qua pimpen al meer dan genoeg.  

 

4. Je eigen vintage

Diep eens iets op uit de archeologische grondlagen van je kast en draag het alsof het je favoriete kledingstuk is. Ongetwijfeld heb je mooie kleren die al jaren op de plank zijn blijven liggen, maar waar eigenlijk niks mis mee is. Geef die trui of rok weer een kans, wellicht staat hij nog altijd geweldig en heb je er weer een mogelijkheid bij. 

 

5. Draag elke dag iets anders

Kleren worden sleur wanneer je elke dag hetzelfde draagt. Ik ga uit van het idee dat ik zo min mogelijk kleren in de kast laat hangen. Het zet me aan om creatief met mijn garderobe om te gaan, en er komen als vanzelf goeie outfits van.

 

6. Tasjes & sjaals

Overdaad schaadt, maar een paar met zorg gekozen accessoires zijn super handig. Met één enkele goeie sjaal of tas kan je van de meest bescheiden outfit een showstopper maken. Het kost nauwelijks moeite, en bovendien kan je tasjes en sjaals vaak jaren bewaren zonder dat ze gaan slobberen of slijten. Een beetje aandacht bij het opbergen volstaat al, en uit de mode raken ze eigenlijk nooit. 

 

7.  Details

Ik ben dol op details die je haast niet ziet, kleine juwelen, prints aan de binnenkant van mijn kleren, sokken met tekeningen of kleuren die onzichtbaar zijn tot ik ga zitten. Dergelijke details hebben niet zoveel effect op je look, maar ze maken het hele gebeuren met passen en matchen wel een stuk fijner. En dat zie je natuurlijk, aan de relaxte draagster. 

 

8. Je beste vriend

...ben je in dit soort kwesties zelf. Vergeet regeltjes en ga uit van de essentie: waar heb jij vandaag zin in? Is dat toevallig die khaki legerbroek uit de nineties? Dan ga jij voor die khaki legerbroek uit de nineties. Durf te doen wat je graag wil en de dag is van jou. 

 

x Els 

 

Skin stories - wat je kan doen bij een onrustige huid

 

Huid is complexe materie. Ze gloeit, koelt af, rimpelt, rekt, bruint, verbleekt, beschermt en heeft ook een beetje bescherming nodig. Als eigenaar van een supergevoelige huid heb ik intussen een paar methodes gevonden die nuttig zijn gebleken. Spectaculair zijn ze niet, en klassieke potjes-tips heb ik ook echt niet. Wat werkt en niet werkt, is bovendien voor iedereen anders. Maar bij mij leverden deze maatregelen en tips een rustiger huid op. Ik zet ze even onder elkaar. 

 

1. Geen synthetische stofjes

Ik draag geen synthetische kleren, geen glanzende satijnen bloesjes, geen nylons, geen polyester broeken, geen of zo min mogelijk rokken of jurken met synthetische voering. Vroeger kreeg ik er uitslag van, inmiddels niet meer, maar ik heb hoe dan ook de indruk dat ik mijn huid teveel belast met synthetische stofjes. De laatste jaren kwamen er materialen bij die minder bekend klinken maar ook goed zijn voor het milieu en je huid, zoals Tencel of lyocell bijvoorbeeld, wat gemaakt is van eucalyptushout. 

 

2. Katoen, linnen, zijde en merinowol zijn altijd goed

Met deze ademende materialen heb ik nooit een probleem. Gewone wol is tricky. Broeken en rokken in wol (als stof, geen knitwear) kriebelen vaak toch te veel, zodat ik ze maar kort aan kan. Kasjmier is superzacht en heerlijk warm, maar ik kan zulke truien niet per definitie dragen, omdat ze toch nog te 'harig' zijn. Mohair en angora zijn een absolute no-go (angora is ook niet diervriendelijk, getuige de afschuwelijke verslagen over angorakoijnen die levend gevild worden). Als het echt koud is draag ik een katoenen t-shirt of zijden top onder mijn trui. In mijn shop zijn biokatoenen t-shirts met lange mouwen te koop die heel dun en ademend zijn, en die je gemakkelijk onder iets anders kan dragen. 

 

3. Olie

Een paar druppels zoete amandelolie (of jojoba-, calendula-, argan- of avocado-olie) in je bad werken uitstekend. Ik heb een parfumallergie, dus gaan er geen geparfumeerde spulletjes mee in bad. Badschuim of douchegel gebruik ik nooit. Ik koop gewone flesjes olie in de biowinkel, geen producten van cosmetische merken. Make-up haal ik weg met wat lauw water en een druppeltje teunisbloemolie, werkt perfect. Smeren met olie doe ik niet, olie gebruiken in de keuken des te meer. Olijfolie, avocado-olie en sesamolie staan dagelijks op het menu. 

 

4. Zeezout

Als ik last heb van een geïrriteerde huid gooi ik een paar handjes zuiver zeezout in bad. Je kunt het grof of fijn kopen, het fijne spul lost sneller op. Het idee is dat je badwater ongeveer zo zout is als traanvocht of zeewater, wat erg goed is voor de huid. Iets toevoegen of afspoelen hoeft niet. Insmeren met crème na een olie- of zeezoutbad doe ik nooit. Met één bad is het probleem echter niet opgelost, je moet het een paar keer herhalen. 

 

5. Brandnetelthee en groene thee

Kan helpen tegen een onrustige huid, ik drink er in elk geval regelmatig van. Brandnetelthee werd me ooit aangeraden door een dermatoloog met belangstelling voor andere, minder drastische methodes. Ik vond het drankje toen erg heilzaam en drink het nog steeds. Groene thee is dan weer ietsje zachter van smaak. 

 

6. Toch smeren?

Na ontzettend lang gissen en missen heb ik twee (ja, slechts twee) producten die niet irriteren en toch helpen: Clinique after sun rescue balm (ook in de winter) en homeoplasmine, een zalfje tegen huidirritaties uit de apotheek. Tal van spulletjes en potjes zonder parfum irriteren niet maar doen verder ook niet zo veel, dus heel erg nodig heb ik ze niet. Ik ga ervan uit dat je huid die smeerseltjes helemaal niet nodig heeft, en dat je er maar beter een beetje mee kan uitkijken. 

 

7. Opgelet met waspoeder, detergent en kuisproducten

Waspoeders en wasverzachters kunnen behoorlijk schadelijk zijn. Deeltjes ervan blijven achter in je kleren en kunnen de huid irriteren. Van de geur van tal van klassieke wasproducten krijg ik vaak ademhalingsmoeilijkheden, wat alvast niet pleit voor hun gunstige werking... Jaren geleden al ben ik daarom overgeschakeld op biomerken zonder parfum. Ook tal van kuisproducten zijn een ramp voor je luchtwegen, handen en huid. Als je erbij stilstaat hoeveel spul je gebruikt, en hoe intens je al die producten inademt en op je handen en huid krijgt, kom je tot een verbazingwekkende slotsom. Ik maakte ooit komaf met alle 'gewone' spullen als allesreinigers, kalkreinigers, badkamerreiniger, keukenreiniger, ontvetters in allerlei geuren en kleuren, wc-eend, blokjes, ruitensprays en andere dingen, en gebruik alleen nog azijn (perfect tegen vet en kalk) en bruine zeep, ongelooflijk ouderwets maar net zo goed. 

 

x Els 

 

Skin stories - wanneer minder meer is

 

Een blog over stijl en huid is geen blog zonder een foto van jezelf. Maar dat wordt nog wel een ding, want tot hier toe bestaat er nauwelijks een foto waar ik gewoon, kalmpjes in de lens kijk. Ik zocht me uren te pletter in allerlei bestanden en vond mezelf alleen terug als stipje in de verte. Of als fotograaf, natuurlijk. Tijd voor een ommezwaai.

 

Make-up is een hulp. Al kan ik me met mijn soort huid maar een heel klein make-uptasje veroorloven. Ik heb een matte lipstick van het biomerk Avril en een wenkbrauwpotlood voor mijn ongehoorzame brows. Omdat ik van gewone mascara's steeds geïrriteerde ogen krijg, gebruik ik een superouderwetse, zogenaamde cake mascara, met een kleurblokje en een borsteltje. Werkt goed, ik heb al maanden geen prikkende ogen meer. Foundation gebruikte ik vroeger soms, maar omdat ik er steeds een droge huid van kreeg, ben ik er maar mee gestopt. Voor mij is less dus more, wanneer het aankomt op cosmetica en crèmes. 

 

Vele jaren geleden had ik last van een vreemde huiduitslag. Geen enkele doktor of dermatoloog vond een verklaring, laat staan een oplossing. Ik bleef maar rondlopen met dezelfde lichtrode vlekken op mijn armen en benen. Ik probeerde een honderdtal zalfjes en crèmes, zonder succes. Ging bij een tiental specialisten langs. Nop. Vermeed zwembaden en stranden. Vermeed zon, nylonkousen en situaties waaraan blote armen en benen te pas kwamen. Uiteindelijk verloor ik mijn geloof in de farmaceutische en cosmetische zalvenindustrie. Want tja, niets hielp. Een tijdlang beperkte ik me tot tandpasta, shampoo en een stuk glycerinezeep van de Bodyshop waar ik wonderwel tegen kon. Lukte perfect, al heb ik intussen toch weer een paar potjes uit het aanbod gepeuterd (maar het zijn er niet veel).

 

Uiteindelijk raakte ik alsnog van de uitslag af. Ik gooide een heleboel spullen weg en beperkte me tot een paar ongeparfumeerde crèmes (2 in totaal) voor noodgevallen. Ik nam maatregelen die de gezondheid van mijn huid leken te garanderen en die ertoe hebben geleid dat ik zelden nog ergens last van heb. In mijn volgende blogpost maak ik een lijstje van dingen, maatregelen en gewoontes die nuttig bleken. Maar het is geen gewoon lijstje, en heel beknopt is het ook al niet. Tot snel, 

 

x Els 

 

Soft stories - spiegelbeeld

 

Deze foto is een van mijn absolute favorieten. Ik maakte hem in de winkel van Filippa K in Brussel. Onze jongste dochter deed een dansje in de spiegel tegenover het geweldige blauw van de ruimte met de plant. Ik heb toen niks gekocht. Ik koop graag iets, maar echt alleen als ik rustig kan kiezen, passen, en als het plaatje klopt. Bij twijfel wandel ik weg. Er zijn verschillende soorten twijfel, by the way, gaande van 'hm toch eerder niet' tot diepe, fundamentele ontzetting. Kleren, het zijn eigenlijk hele rare dingen. 

 

Vroeger werkte ik wel eens in een kleerwinkel (een mooie, die intussen niet meer bestaat). Afgezien van het feit dat je als winkeljuffrouw nooit mag zitten - hel, dat is zo lastig - vond ik het een heerlijke job. Het viel me echter op dat voor veel mensen winkelen iets verschrikkelijks is. Die spiegel is een aanzienlijke spelbreker. Sommigen houden niet van wat ze zien, vaak ligt het gewoon aan de kleren. Als verkoopster moest ik regelmatig mensen troosten. 

 

Een spiegel vergt een zekere onverschrokkenheid. Je moet erin durven kijken met inzicht in hoe de wereld werkt. Vanaf onze kinderjaren horen we allerlei dingen over gezichten en lichamen. Dingen die ons tien, twintig jaar later vreselijk doen twijfelen. We willen voldoen aan een idee dat ons kwetst. Heel gek is dat. Wat we niet moeten doen is onszelf veranderen. We moeten het idee veranderen. 

 

Kijk, het ideaal van 1,80m, 50 kg. weelderig lang haar en passend met alles is volslagen belachelijk. Tof voor degenen die aan dit beeld beantwoorden, maar dan nog is het grotendeels een waanidee. Het hele schoonheidsideaal is eigenlijk een waanidee. Het is fictie, bedacht door vrouwenhaters die slechtzittende bh's en botox willen verkopen. Koelbloedigheid is vereist om hier nee tegen te zeggen. Wat je in de spiegel ziet is goed en mooi. Elk lichaam is goed en mooi. De rest is nonsens. 

 

Ik praatte ooit met de Franse kunstenares Orlan, die zich in haar artistieke carrière met plastische chirurgie had laten ombouwen tot 'de mooiste vrouw ter wereld'. Ze had uit de schilderkunst de allerbeste neus, mond en ogen geselecteerd, en die vervolgens chirurgisch laten aanbrengen. Toen ik haar sprak, had ze het door de botox moeilijk om haar woorden iets expressiefs mee te geven. Ik vond haar mooi, maar eigenlijk vooral door haar inzichten en opvattingen. Ze liet me pas echt versteld staan toen ik haar vroeg wat ze van schoonheid vond. 

 

'Volstrekt niet interessant,' zei ze. 'Schoonheid is een idee dat ons wordt aangepraat door een bepaalde maatschappelijke klasse, door de elite, die ons zijn wil oplegt'. Ze vond het hele idee wrang en fnuikend voor de zelfwaarde van vrouwen. Denk je eens in: wie wil er eigenlijk dat jij superslank bent, dat je geen heupen en geen buik hebt, geen wallen, geen blosje, en dat je hot op instagram bent? 

 

Nooit gedacht dat iemand die haar hele artistieke carrière aan het vrouwelijke schoonheidsideaal had gewijd, dit standpunt zou kiezen. Het leek zo tegenstrijdig, maar overtuigend was het in ieder geval. In één klap was ik voor altijd genezen van alle negativiteit die ons vrouwen (en mannen) wordt aangepraat. Het beeld dat de spiegel ons laat zien is heel complex. Tevreden zijn met wat je ziet is ook heel complex. Maar bedenk dat ons al snel verteld wordt dat we niet tevreden kunnen zijn. Wat natuurlijk nonsens is. Je bent gewoon blij met wat je ziet, je begrijpt hoe het allemaal werkt, en daarmee is de kous af. 

 

x Els 

 

Soft stories - onze liefdes

 

Inmiddels bestaat Winterblossom ruim een half jaar. (Aanvankelijk hadden we een naam en een website maar nog geen plan, dat was heerlijk surrealistisch). Van meet af aan was het duidelijk dat Winterblossom duurzaam zou zijn. Nog voor we wisten welke weg we op zouden gaan, wisten we dat we een milieuvriendelijk label wilden. Dat past gewoon bij ons. En het is, gezien de huidige toestand, een logische keuze. We houden ook ontzettend van mooie, zachte, coole kleren. De optelsom (mooizachtcool + ecofriendly) was relatief snel gemaakt. 

 

Overigens is het verleidelijk om stukken in huis te halen die toch niet van biokatoen zijn gemaakt. Doorgaans zijn er meer opties. Je kunt veel meer kleuren kiezen, meer texturen, meer soorten, en de prijs is ook lager. Maar een beetje discipline kan geen kwaad. Wie duurzaam wil, moet dat kleine extra mijltje gaan. Een beetje meer zoeken, speuren, navragen. Het vergt wat tijd, maar het is goed te doen. We houden immers van een gezonde planeet, gezonde kinderen en onze gezonde zelf. Dus dan breken we dat lansje toch? 

 

We houden ook erg veel van dieren. Daarom hebben we vlees en vis uit ons menu geschrapt - niet heel plots overigens, dat ging geleidelijk en zelfs tamelijk moeiteloos. Het exploiteren van dieren op industriële schaal is ook zoiets... Op mijn weg naar het vegan eten gaven dierentransporten de doorslag. Die kalfjes die nog net door de spleten van de vrachtwagen konden kijken, brrr, vreselijk. Maar het ging over mode en duurzaamheid, toch? Of haakt alles een beetje op elkaar in? 

 

Want...

 

De mode-industrie, moet het nog herhaald, is buitengewoon vervuilend. Aan het produceren van stoffen en kleren komen tonnen pesticiden, kleurstoffen, heel veel water en verschillende scheikundige processen te pas, en daar worden nog steeds weinig vraagtekens bij gezet. Door de consument, maar ook door de merken zelf. Er gaat gi-gan-tisch veel textiel de wereld rond. Onze kleren worden aan de andere kant van de wereld gemaakt - al dan niet door kinderen, vaak in belabberde omstandigheden - en dan naar onze winkelstraten verscheept. Dit hele fast fashion proces levert een angstwekkende optelsom op van vervuiling, overconsumptie, kinderarbeid, en afval. 

 

Volgens de cijfers dragen we het grootste deel van de tijd maar 20% van onze kleren. Onze kasten hangen vol, maar we pikken er maar heel weinig uit. Vintage, of pre-loved, of pre-owned (of tweedehandse) kleren brengen uitkomst. Sommige ontwerpers maken al nieuwe kleren van oude. Fantastisch. Maar je kan ook zelf een poging doen, door terug in je kleerkast te duiken en vergeten schatten op te graven. Draag ze eens, samen met je nieuwe kleren. Wij deden het ook, en het resultaat was geweldig. 

 

x Pink & Els 

 

Soft stories - je kleren en jij

 

Kleren zijn een verlengstuk van jezelf, las ik. Daar valt niet zo erg veel tegenin te brengen. Al hangt de manier van jezelf verlengen natuurlijk wel af van je beschikbare budget. Met een ruim budget kan je jezelf heel chic verlengen. Met een bescheiden budget niet zo. Maar verder is de verlengstuktheorie heel interessant. Wie ben jij en hoe zie je dat aan je vestimentaire keuzes? 

 

Wie ben ik en hoe zie je dat aan mijn kleren? Daar kan ik nu echt niet beknopt over zijn. Kleren van mensen zijn een verhaal op zich. Een broek is emotie, een paar schoenen liefde, een bh conformisme of feminisme, een hemdje avontuur, of gegiechel, of pijn. Soms zit er een diepe geschiedenis in een jas, die je dan wegdoet, of juist niet. 

 

Ik vind het geweldig wanneer mensen, mannen en vrouwen, hun eigen stijl hebben, wat die ook is. Zelf ben ik langzaam maar zeker van het predikaat 'sexy' afgestapt. Vroeger was ik het idee niet per se slecht gezind. Ik had een pak korte rokjes, zwierige jurken en hoge hakken. Intussen draag ik meer kleren die om andere reden interessant zijn. Ik laat liever een ander soort elegantie zien, en of die nu 'vrouwelijk' dan wel 'sexy' is, kan me echt niet boeien. 

 

Complexiteit. En... we hebben ook kartonnen zakjes en doosjes die gerecycleerd én recycleerbaar zijn. Met Winterblossom gemberpot stempel. Goed voor het milieu, want daar zijn wij dan weer een verlengstuk van. 

 

x Pink x Els 

 

Soft stories - your own kind of wrong

 

There's this thin line between right and wrong, and really, sometimes that's the best part of it. When I look around, in the street or wherever I get, or check dress codes by actrices in films and on tv, I always love the ones who are just a little bit out of style. You know, the ones who are wearing a slightly unflattering coat, or an amazing dress in a color that's just not doing it.   

 

I absolutely adore people who have found their own kind of wrong - not necessarily completely wrong but just a bit. There's nothing worse than having it all right, or looking like you just left the store, wearing all that brand new stuff.  

 

No. You have to add something, or leave something out. There's much fun in being careless every now and then, and not bother about the way things look. In doing so, you might find a great outfit, for having tried something new without thinking too much about it.

Just try it, it'll be worth it.  

 

x Pink Winterblossom  

Soft stories - invisibility cloak

 

Een kledingstuk is niet alleen een fysiek gegeven, het is ook een idee. We kopen en dragen allen ideeën, en die passen al dan niet bij het idee van onszelf. 

Ik heb het met niet onaardig wat kleren, jurken met patronen, grote sjaals, zware bottines, bloesjes met bloemetjes. Zodra ik ze aantrek, nemen ze het over. Ik word één en al sjaal, decoratie of schoen, en wat nog rest van mezelf gaat langzaam in rook op. 

 

Meestal weet ik in de winkel al dat het noppes is, maar toch koop ik soms een verdwijnjurk. Nu en dan draag ik er zelfs eentje, stilletjes hopend dat alleen ik het probleem opmerk.

Op zich is het wel grappig natuurlijk, zo'n invisibility cloak, maar op termijn is het een luizige investering. Het kledingstuk deugt niet, en vroeg of laat moet je het toegeven. 

 

Gaandeweg kreeg ik de indruk dat mijn vestimentaire blunders zich altijd in dezelfde sfeer bevonden. Ik hou veel van kleur en bijzondere prints maar...in werkelijkheid draag ik liever iets dat rustiger oogt. 

Dat weet ik nu dus, en de blunders zijn stilaan de wereld uit. Kijk (naar je verdwijnkleren) en leer, het zal vrucht afwerpen...

 

liefs, x Pink Winterblossom 

Soft stories - matchen of schuren?

 

Kleren zijn leuk, maar combineren is dat soms minder. Bij die donkere rok vind je geen leuke trui, dat velvet bloesje blijft ongedragen in de kast, en om de een of andere reden past die geweldige trenchcoat nergens bij, en hang je 'm dus elke keer weer terug. Vaak ben je geneigd kleuren te doen matchen, of op zoek te gaan naar passende lengtes, zoals een kort truitje op een high waisted broek. Maar op die manier blijven kleren soms ongebruikt. Pogingen om dingen bij elkaar te zoeken lopen op niets uit, en ook in winkels vind je uiteindelijk niets dat echt bij een kledingstuk past. Jammer. Maar niet onoverkomelijk.

 

Eenvoud siert, en dat is met kleren al niet minder. Ik hou veel van mixen met pretentieloze kleren, een goeie jeans met een simpel T-shirt, een zijden rok met een franjeloos zwart truitje, een opvallend jasje met een oude spijkerboek. Eén bijzonder en één casual stuk, het levert vrijwel altijd een goeie match op, en je ziet er nooit uit alsof je uren voor de spiegel hebt gestaan. In de winter kom je al een heel eind met een vierkante trui in een licht maar degelijk materiaal, in de zomer kan je zowat alles aan met een wit, grijs, of zwart T-shirt erbij. 

 

En soms - wat ik eigenlijk het leukste vind - moet je gewoon met opzet een beetje schuren. Gewoon omdat dat matchen eigenlijk niet per se hoeft, en je weleens bij fantastische combinaties uitkomt wanneer je juist géén moeite doet. Moeiteloosheid is een geweldig concept, en meer dan eens vind je daar wat je al zo lang zocht.

 

x Pink Winterblossom

Soft stories - purple

 

This morning I saw a woman on a bike, all dressed in purple. She was wearing a long purple skirt (yes, on her bike), a lilac coat and a mauve hat. I absolutely loved it. It was a cold and rainy morning, but that didn't seem to bother her. She made this drowsy  weekday into a purple rain day. 

 

I also noticed a woman wearing pale blue eye shadow above and under her eyes. It was far too much make up and the opposite of subtle, but somehow the idea was pretty good. 

 

I must defend the idea of wilfulness. Style is about what you love, without compromising. It might seem easy to know what you love, but really, it's not. So if you do, show it, it's beautiful.  

 

x Pink Winterblossom

Soft stories - skin

 

Dear friends,

 

we think our skin is very precious to us. We need it all te time, we depend on its wellbeing, we love touch. As a style lover (or like many women, a lover of clothes in all shapes and dimensions) I've always had trouble finding clothes that were soft and comfortable enough for my super allergic type of skin. Yes, every now and then I'm red in the face (perfume allergy), red on the arms, chest and legs (can't wear wool or most synthetic fabrics) or red in the eyes (caused by mohair)... All this trouble makes my skin very sensitive, and that's why I'm always looking for clothes that are easy and soft to wear.  

 

Considering the issue and thinking about it is an other option. We decided to come up with a Soft Collection: a set of tees, sweaters and trousers made from organic cotton and super nice to wear. There's more to come but it will all be soft. Hm, wait and see.

 

X Pink Winterblossom